De besprekingen hierover waren al enige gaande en hebben geleid te deze benoemingen, die aan de medewerkers kenbaar gemaakt zijn. Twee redenen liggen aan de besluitvorming ten grondslag. De fitnessdivisie moet een beter commercieel resultaat gaan boeken en de interne afstemming van Sparta en Batavus, die Accell als gescheiden merken in de markt blijft positioneren, moet verfijnd worden.
“Sparta en Batavus blijven twee aparte merken met hun eigen management, productontwikkeling, sales et cetera,” licht René Takens toe. “Daar verandert helemaal niets aan, alleen hebben ze nu dezelfde eindverantwoordelijke. De dagelijkse afstemming tussen de beide merken willen we hierdoor verbeteren.”
De benoeming van Huub Snellen is geen tijdelijke. Vooralsnog zal er op termijn niet een nieuwe directeur van Batavus benoemd worden. “De keuze die we nu gemaakt hebben is een hele bewuste,” zegt Takens. “Als we ooit tot de conclusie komen dat het beter is om dat te veranderen, zien we dat tegen die tijd wel. Maar het is zeker geen ad interim benoeming.”
Huub Snellen wilde liever geen inhoudelijk commentaar geven op de recente ontwikkelingen. “René Takens kan dat uitstekende verwoorden, maar het staat natuurlijk buiten kijf dat het een prachtige uitdaging is en dat we er iets moois van gaan maken.”
Takens erkent dat bij de recente presentatie van Accell’s cijfers veel commentaar gekomen was op de financiële resultaten van de fitnessdivisie. “Daar moest iets gebeuren en daarom gaat Rob Beset daar sturing aan geven. De resultaten moeten gewoon verbeterd worden, zodat we het wellicht kunnen verkopen als zich daar een goede partij voor aandient. Overigens is verkoop van de fitnessdivisie geen doel op zich, maar we sluiten het niet uit.”
In een reactie zegt Rob Beset, die zijn 25-jarig jubileum bij Batavus in december net niet vol maakt, voor een grote uitdaging te staan. “Het is bekend dat de fitnessdivisie een zorgenkindje is. Binnenkort ga ik daar naartoe om de boel te inventariseren. Ik weet dat het logistiek allemaal goed in elkaar zit, maar commercieel is het geen krachtpatser. Tunturi doet het in Zweden heel goed, dus we gaan kijken hoe we dat dit ook hier voor elkaar kunnen krijgen.”